Verlangen tijdens de coronacrisis naar de vrijdagmiddag biljartborrel

Ruim twintig jaar speel ik bijna iedere vrijdagmiddag een partijtje biljart tegen dezelfde tegenstander in een bruine stamkroeg. Bij binnenkomst rond half vier zit mijn tegenstander, een gepensioneerd badmeester, al te wachten op de hoek van de bar in de nabijheid van de biljarttafel. In zijn gezelschap zijn twee trouwe supporters, een gepensioneerd huisschilder en een vaste trouwe gast, bijna behorend bij de inventaris van de kroeg.

De ontvangst van de kastelein is altijd luidruchtig en joviaal. Met de deurkruk nog in de hand klinkt het al “Wijntje Henkie?” Mijn antwoord is dan ook steevast; “Lekker, doe de anderen ook wat te drinken, maar niet aandringen.” De conversatie die daarna volgt begint altijd over het weer. Het is of te koud, te warm, te nat of te droog. Daarna is het voetbal aan de orde. De trouwe gast, bijna behorende bij de inventaris, en ik zijn fervent supporter van een Amsterdams voetbalcluppie. De tekortkomingen, tactiek, aankopen en de geldelijke perikelen worden uitvoerig besproken met meestal als conclusie, we worden weer gewoon kampioen.

Wat volgt is het partijtje biljart maar niet voordat mijn tegenstander eerst even buiten een shaggie gaat roken. Mijn tegenstander is een fervent roker en heeft destijds met de komst van het rookverbod in de horeca heel wat af gemopperd. Zelfs zo erg dat hij overwoog om te stoppen met deze vrijdagmiddag traditie. DIt ondanks mijn voorstel om tijdens de wedstrijd een pafpauze te nemen om buiten een shaggie te kunnen roken. Echter de spanning om toch dat partijtje biljart te spelen was sterker en uiteindelijk bleek hij ook te eigenwijs om tussendoor buiten te gaan roken. Het partijtje biljart heeft meestal een wisselende winnaar. Mjn tegenstander is een veel betere biljarter, maar omdat we allebei onze persoonlijke gemiddelden spelen blijft het altijd spannend. We worden ook ruim voorzien van commentaar. Van achter de bar uit de mond van de kastelein klinkt regelmatig “Dat kan nooit zo.”

Na het biljarten ben ik meestal aan de beurt. Sinds ik raadslid ben in de Gemeente Ede word ik geconfronteerd met wat er allemaal niet deugt in de gemeente en wat de “gemeente” wel niet allemaal verkeerd doet. Een opsomming van veelal uiteenlopende zaken van verkeersmaatregelen tot biodiversiteit en van bouwen tot afbreken passeren de revue met als conclusie de “gemeente” doet niet veel goed. Na het gemopper aangehoord te hebben en een verhelderende uitleg mijnerzijds klinkt vaak nog wat gemompel en toch doen ze het niet goed.

Heerlijk wat kun je tijdens deze crisis soms verlangen naar de kleine leuke dingen in het leven.

Henk Righolt (raadslid Gemeentebelangen Ede)

 

2 thoughts on “Verlangen tijdens de coronacrisis naar de vrijdagmiddag biljartborrel

  1. TJA Henk. Mooi stuk geschreven. En welles waar De Kade 1 mist bij de edese wilde biljartbond. De samen spelen met de biljarts cafe. GEZELLIGHEID. EN VOORAL HET Biertje. / drankje. .gr. Tj.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.