Edese Energie Coöperatie

Of ik tegen duurzame energie ben? Zeker niet! Maar wel op de goede plekken. En die goede plekken zijn er zat. Plekken waar je niet de hele dag tegen zonnepanelen of windmolens aan hoeft te kijken. Plekken waar burgers er geen overlast van ondervinden en die plekken zijn er in Ede genoeg.

We hebben tientallen kilometers snelweg waarvan de A12 zelfs op het zuiden staat en daar kunnen we duizenden panelen op kwijt. Ik ben niet de enige die er zo over denkt want er staat een bord op de geluidswal achter de Cinemec dat daar binnenkort 5.000 panelen worden geplaatst.

Maar dat bord staat er al vijf jaar. Dat schiet dus niet op.

Zonnepanelen langs het spoor dan? Het spoor langs de Sysselt ligt verdiept. Tegen de wallen zouden daar ook tienduizenden panelen geplaatst kunnen worden. Maar ze liggen er nog niet. En over vijf jaar nog steeds niet.

Kansen genoeg maar ze worden niet gegrepen. Is dat nou heel erg?

Ja!

Hadden we in Ede een half miljoen zonnepanelen liggen dan zou er geen enkele noodzaak zijn om 20 mega-windmolens te plaatsen waar mensen wel last van hebben. Maar het komt maar niet van de grond. Of op de grond.

We hebben hier last van het marktdenken. Ondernemers die wachten op lagere prijzen van panelen met hogere opbrengsten. Of ze wachten op financiers. Ze willen de goedkoopste oplossing, gewoon een weiland vol leggen, om een zo hoog mogelijk rendement te maken.

Dat moet anders en dat kan anders. Het wordt tijd dat de gemeente Ede overgaat tot het oprichten van de Edese Energie Coöperatie. Non-profit dus. Waar de belangen van burgers ook worden meegewogen. De coöperatie die zich richt op restgronden voor zonnepanelen. De coöperatie die alle gebouwen van de overheid onder de zonnepanelen zet. Met mensen die wel creatief kunnen denken. En die snel kunnen schakelen.

Dan is natuurlijk de vraag wie dat gaat betalen maar ik heb daar het antwoord op. De gemeente Ede. Jaarlijks gejammer over bezuinigingen maar aan het einde van het jaar blijven er miljoenen. Over 2021 behaalde de gemeente Ede een winst van bijna 10 miljoen. Het jaar daarvoor was dat ruim 8 miljoen euro. Het jaar daarvoor ook bijna 10 miljoen en in 2018 tikte de gemeente Ede 4 miljoen winst aan.

32 miljoen winst in één raadsperiode. Daar hadden we een hoop zonnepanelen van kunnen kopen. Dan hadden we Ede nog niet energieneutraal gehad maar waren we in ieder geval een stuk verder dan we nu zijn.

Maar als de Edese Energie Coöperatie nu start en de gemeente Ede van al die winsten zonnepanelen financiert dan zul je zien dat over een jaar of zes die reuzewindmolens niet meer nodig zijn. Daar word ik dan weer gelukkig van. En ik niet alleen maar heel veel Edenaren.

Een gemeente die iets doet voor de inwoners en tegelijkertijd met twee vingers in de neus de RES haalt. Ik zeg: doen.

3 thoughts on “Edese Energie Coöperatie

  1. Beste Mo, ik lees uw columns vaak met een lach op het gezicht. Over dit onderwerp zou ik echter wel op willen merken dat windmolens mijns inziens hard nodig zijn. Zonnepanelen leveren immers het gros van hun energie in de periode waarin de vraag naar energie het laagst is (zomerhalfjaar), terwijl windmolens het gros van hun energie leveren in de periode waarin de vraag naar energie het grootst is (winterhalfjaar). Ze zijn redelijk complementair aan elkaar dus. Daarbij, als ze langs de snelwegen geplaatst worden heeft niemand last van het geluid aangezien de snelweg meer decibel genereert dan de windturbines. Qua zicht is het subjectief natuurlijk wat mooi of niet mooi is, ik vind het een mooie uiting van vooruitgang en de toekomstige generaties weten niet beter (ze groeien er immers mee op).

  2. Beste redactie, niet zo lang geleden las ik de aanbeveling van Mo tot oprichting van een Edese Energie Coöperatie. Lijkt mij wel interessant als mogelijkheid om mee te denken over de vormgeving aan de energietransitie. Alleen ik huiver van het plaatje dat het column opvrolijkte. Als ik het goed zie dan staan de zonnepanelen op een weiland en dat is nu net de plaats waar ik ze het liefst niet zie liggen. Mo ook niet, begrijp ik! Ons geacht kabinet ook niet heb ik begrepen uit de correspondentie met de minister-president. Men vindt dat wij in Nederland zorgvuldig moeten omgaan met grond voor zonneparken. De voorkeursvolgorde is in de eerste plaats zonnepanelen op daken, vervolgens bij gronden met een andere primaire functie dan landbouw of natuur, zoals waterzuiveringsinstallaties, vuilnisbelten, binnenwateren of bermen van spoor- en autowegen. Edoch de verantwoordelijkheid hiervoor wordt neergelegd bij gemeenten en provincies. Net alleen die laatste twee instanties nemen het niet zo nauw met die volgorde. Reizend door ons landje zie ik namelijk op diverse plaatsen “stuwmeren van zonnepanelen” op weilanden liggen die je de haren te berge doen rijzen. De harde eis om “iets” aan de energietransitie te moeten doen, doen gemeenten en provincies besluiten om ruimtelijke kwaliteit soms ruimhartig terzijde te schuiven en te kiezen voor de gemakkelijkste weg. Er moet door de burgerij daarom harder worden gepleit voor het behoud van die landschappelijke kwaliteit. Dus afgewogen planvorming waarbij zowel windturbine en zonnepaneel een juiste plaats wordt toebedeeld. Wie weet lukt het nog. Op dit moment echter heb ik er een hard hoofd in dat het goed komt. Prioriteit zou moeten worden gegeven aan het situeren van zonnepanelen op daken van bedrijfsgebouwen en woningen. Het argument dat daken van magazijnen de zonnepanelen niet kunnen dragen lijkt mij niet steekhoudend als ik zie dat boeren, schijnbaar zonder bezwaar, de panelen op hun stallen leggen.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.