CITAAT: “WAT EEN SLAP VERHAAL, DE COLUMN VAN DE BURGEMEESTER”

Een bevriende journalist belde mij. “Heb je EdeStad gelezen?” vroeg hij.  Nou, hier in Zuid-Italië beter gezegd in Puglia, maak je je meer druk over de Xyllella-bacterie die alle olijfbomen in Puglia opeet. Nu zijn die beestjes genaderd op 1 kilomer van ons perceel, dat vol staat met olijfbomen. Opbrengst jaarlijks zo’n 650 liter olijfolie, dat wel! Dan ga je niet spontaan EdeStad lezen. Gelukkig zijn sinds een jaar die vreselijke beestjes nog steeds op 1 kilometer afstand. Maar terug naar die bevriende journalist. Hij gierde het uit. “Je moet nu de column van de burgemeester lezen, wat een slap verhaal”. Vooruit dan maar. Dan word je nieuwsgierig.  Ook hier heb je WIFI en een digitaal abonnement op EdeStad. Wat wil je nog meer?

Nou, dus nu toch maar even die column van de burgemeester van Ede lezen. Geachte lezer, u weet ongetwijfeld dat de burgemeester een begenadigd schrijver is van enkele boekjes , waaronder het vlugschrift “Stakende stemmen”. Dat boekje werd volgens mij een jaar geleden uitgegeven. Maar op dat boekje kom ik straks terug.

Kortom, de burgemeester heeft een leuke hobby. Hij schrijft boeken en columns. Maar  ik heb de sterke indruk, na het lezen van zijn column van afgelopen woensdag, dat hij mogelijk van mening is dat het schrijven door hem van boeken en columns, een professionele bezigheid is. Maar dit laatste ter zijde.

In de column van afgelopen woensdag, vergelijkt hij een figuur uit zijn boeken met Maarten Koning, de centrale persoon van de zevendelige romancyclus “Het Bureau” van de auteur J. J. Voskuil. Deze auteur voert Maarten Koning op als zijn alter ego in deze romancyclus.

J. J. Voskuil heeft vele literaire prijzen gewonen, bijvoorbeeld de F. Bordewijk prijs en bijvoorbeeld de Libris literatuur Prijs. In 2007 werd de romancyclus zelfs opgenomen in de lijst van beste boeken aller tijden.

Hoe kun je dan, als hobby-auteur, een figuur uit je boeken, vergelijken met de romans van J J. Voskuil. Ook schrijft de burgemeester het volgende: “wie kent het nog”. Hij duidt daarmee op de romancyclus van J. J. Voskuil. Weet de burgemeester wel dat vele honderdduizenden boeken, ik herhaal vele honderdduizenden boeken van die romancyclus zijn verkocht 

Enige bescheidenheid van de burgemeester zou hier op zijn plaats zijn geweest.

Ik zou nog even terugkomen op het boekje “Stakende stemmen” van de diezelfde burgemeester. Volgens hem is hetgeen zich afspeelt in dat boekje fictief. In het verlengde van zijn column van afgelopen woensdag blijkt naar mijn bescheiden mening dat het boekje “Stakende stemmen” toch blijkbaar een tirade is over het columnistencollectief “Ededorp”.

Zijn de figuren in dat boekje alter ego’s van de columnisten van “Ededorp”? Was dat de literaire bedoeling van de burgemeester? Bij de romancyclus van J. J. Voskuil is een lijst van personen verschenen die gebaseerd is op bestaande personen. Zoiets zou de burgemeester ook nog kunnen doen. Een lijst maken van de personen die voorkomen in zijn boekje “Stakende stemmen”. Een lijst die gebaseerd wordt op de columnisten van  “EdeDorp”. Daar zou ik helemaal blij van worden. Ook hier in Puglia! Daar kan geen Xyllella-bacterie tegenop!  

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.