Duurzame energie in het buitengebied: wie beslist?

De aanleg van zonnevelden in het buitengebied, vaak op goede landbouwgrond, roept in onze gemeente veel weerstand op. Dat kwam eerder dit jaar tot uitdrukking in de verdeeldheid van de gemeenteraad over het zonneveld bij Nergena in het Binnenveld. In september hakte de raad dan eindelijk de knoop door en werd zonneveld Nergena afgeblazen, tot opluchting van velen. Maar burgemeester en wethouders van de gemeente Ede hebben intussen niet stilgezeten. Er ligt alweer een nieuw plan, ditmaal voor maar liefst drie grote zonnevelden in het buitengebied: aan de Rijnsteeg, iets ten westen van Nergena (11,1 hectare), aan de Wolfsdijk (3,3 hectare) en aan de Blaakweg bij Harskamp (7,7 hectare). Het zonneveld aan de Rijnsteeg lijkt vooralsnog het meest controversieel. Omwonenden en andere belanghebbenden voelen zich overvallen door de plannen en hebben aangegeven dat ze er helemaal niets voor voelen.

Er wordt vaart gezet achter de nieuwe plannen: ze staan op de agenda van de oordeelvormende vergadering van de gemeenteraad van aanstaande donderdag, 5 november. En B&W heeft iets bedacht om herhaling van het ‘Nergena-scenario’ te voorkomen. Op dit moment is het nog zo dat de gemeente pas een vergunning kan verlenen voor een zonneveld groter dan 2 hectare nadat de gemeenteraad een ‘verklaring van geen bedenkingen’ heeft afgeven. Burgemeester en wethouders stellen de gemeenteraad nu voor om middels een zogenaamd ‘aanwijzingsbesluit’ van deze regel af te wijken. Als de gemeenteraad dat voorstel zou overnemen dan geeft ze daarmee niet alleen groen licht voor de zonnevelden aan de Rijnsteeg, Wolfsdijk en Blaakweg, maar ook voor elk project dat de komende anderhalf jaar door een gemeentelijke toetsingscommissie wordt goedgekeurd, zolang het totaal van 40 hectare zonnevelden in het buitengebied nog niet overschreden is. Dit aanwijzingsbesluit zou aflopen aan het eind van deze raadsperiode, in maart 2022.

Dat maakte mij nieuwsgierig naar wie er in de toetsingscommissie zitten. Volgens de toelichting op het raadsvoorstel zijn dat: de wethouder duurzaamheid, de projectleider wind en zon, de adviseur wind en zon, een stedenbouwkundig adviseur, een landschapsarchitect, een adviseur ecologie en biodiversiteit, een adviseur cultuurhistorie en een communicatieadviseur. Het valt op dat diverse relevante invalshoeken en belangen (zoals van boeren, omwonenden en natuur- en milieuorganisaties) ontbreken. De toelichting op het raadsvoorstel wijst weliswaar op het belang van inwonerparticipatie, maar de voorgestelde “goedkeuring vooraf” kan slechts leiden tot het tegendeel: minder participatie en een gebrekkige democratische legitimatie.

Bovenop deze procedurele argumenten tegen het raadsvoorstel komt nog het feit dat bij de ontwikkeling van zonnevelden in de gemeente Ede tot nu toe elke vorm van ruimtelijke regie ontbreekt. Het zonneveld aan de Rijnsteeg ligt in een gebied dat op de ‘kansenkaart’ van de gemeente is aanmerkt als “Nee, tenzij”. Ik heb even nagezocht hoe dat in de Edese wind- en zonnewijzer wordt uitgelegd:

“een zonneveld is in deze gebieden in principe niet wenselijk, tenzij de initiatiefnemer aan kan tonen dat de plaatsing en inpassing toegevoegde waarde heeft voor het gebied, rekening houdend met de kernkwaliteit van het gebied. Denk aan toegevoegde waarde voor natuur of omgeving, recreatie en educatie.”

Het is onbegrijpelijk dat de toetsingscommissie tot de conclusie is gekomen dat het zonneveld aan de Rijnsteeg zou voldoen aan deze criteria. Het lijkt er op dat “Nee, tenzij” in de praktijk betekent dat grote zonnevelden aan de selectiecriteria voldoen als er langs de randen wat schaamgroen wordt aangeplant. Het lijkt me stug dat de gemeenteraad dit voor ogen had toen ze de Wind- en Zonnewijzer goedkeurde.

Het dan ook is te hopen dat de gemeenteraad zich bewust is van de belangrijke keuze die voorligt, en dat zij het ‘aanwijzingsbesluit’ verwerpt. Anders zet de raad zichzelf buiten spel bij ingrijpende en politiek gevoelige keuzes over hoe we in Ede in het buitengebied duurzame energie willen opwekken: met grootschalige commerciële zonnevelden of misschien toch iets anders? Gelukkig wordt er al nagedacht over alternatieven voor de top-down benadering die burgemeester en wethouders voorstellen. Zo lees ik op de website van Omroep Gelderland dat omwonenden van het Binnenveld een eigen alternatief plan ontwikkelen: de “Binnenveld Energie Strategie”. De initiatiefnemers  willen op zoek gaan naar ‘de beste manieren’ om zelf groene energie op te wekken. Daarbij zou het grootste gedeelte van de opbrengsten dan belanden in een landschapsfonds voor gebiedsontwikkeling waar boeren dan terecht kunnen als ze willen investeren in natuur-inclusieve landbouw. Wat zou het mooi zijn als onze gemeente open zou staan voor zulke alternatieven en de tot nu toe ingeslagen weg zou durven te verlaten.

 

Erik Wesselius

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.