Kringlooplandbouw

Zo rond 1 september denk je: hé, waar zijn de gierzwaluwen? Als bij toverslag vertrekken ze allen tegelijk richting zuiden. Een aparte vogel is het ook want hij slaapt al vliegend en zelfs paren doen ze hoog in de lucht. Dat is nog eens echte luchtacrobatiek. Daarom kijk ik liever naar deze hemelbestormers dan naar een show van straaljagers. Want de gierzwaluw – daar kan geen stuntvlieger tegenop.

In mijn loopbaan als weidevogelbeschermer keek ik vaak naar de luchten. Je ogen wat rust gunnen van al het turen over de weiden. Even ontspannen na al het loopwerk door de velden. Slootjes springen, zompen met je laarzen van perceel naar perceel. Gezond, leuk, maar vermoeiend. Te meer omdat je de nestbeschermers met veel kracht de kleigrond in moet duwen. Om de koeien op een afstand te houden – ze zijn aartsnieuwsgierig – smeerde ik met mijn laars wat koeienvlaai op het ijzeren geraamte van de nestbeschermer. Daar zijn de dames vies van.

Toen ik op een mooie lentedag zo bezig was, werd ik plots geroepen door de boer. Hij had hulp nodig bij het kalven in de stal. De boer drukte me een houten beugel met een katrol eraan in de hand. ‘Hou dat ding tegen d’r kont’, zei hij. Zijn handen verdwenen in het geboortekanaal om het touw aan de poten van het kalf vast te maken. Op zijn commando gaf ik een ruk aan de katrol. We trokken het kalfje ter wereld. Maar het viel op de betonnen vloer. De boer laadde het natte kalf in een kruiwagen en voerde het af. Wat, dacht ik, geen moeder-kind contact!? Maar ik zei er niets van. Achteraf had ik daar spijt van, want wij mensen moeten de koeien eren in plaats van koeioneren. 

Behalve veel mooie herinneringen aan vondsten van pas uitgekomen grutto- en tureluurjongen, een hoedvol kievitskuikens die ik beschermde tegen de oprukkende maaimachine, dolen er ook schrikbeelden in mijn brein. Tentjes vol kalfjes voor de boerderij, wachtend op… Uitklapbare installaties die uit wel 8 spuitmonden god mag weten wat voor gifzooi uitsproeien over de onkruidloze weiden. Een met zorg gemarkeerd nest dat ’s nachts met broedende grutto en al was uitgemaaid.

Ach, kan men zeggen, waar gehakt wordt vallen spaanders, mensen maken fouten en wie zonder zonden is werpe de eerste steen.  Zal wel, maar 1 ding staat als een paal boven water:  de landbouw stoot veel teveel CO2 uit, de veeteelt moet veel duurzamer.

Minister Carola Schouten pleit daarom voor een kringlooplandbouw. Zij vindt dat het vee met voedsel van de eigen  boerderij moet worden gevoerd. En dat er veel zuiniger met mest moet worden omgegaan.

Een nieuwe, broodnodige en goede koers!

Geen plofkippen en kiloknallers meer. En waarom zouden we vlees van jonge dieren eten? Een (pluim)veeteelt voor eigen en omringende landen en die niet meer producten in vervuilende vliegtuigen exporteert naar China en Canada. Een eerlijke consumptie van eieren en zuivel. Misschien wat duurder, maar duurzaam en smaakvoller dan ooit. En de tuinbouw doet ook mee: ha, wat worden die tomaten lekker! Wellicht wat schaarser, maar o zo sappig. De velden, akkers en weiden bloeien elk voorjaar: korenbloemen, margrieten en akkerwinden, en erboven veldleeuweriken die volop zingen en talrijke kieviten die driest baltsen.

I have a dream.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.